Kennisbank · 1-7-2026
Dementieonderzoek: testen, scans en gesprekken
Dementieonderzoek bestaat uit gesprekken, observatie, testen en soms scans of bloedonderzoek. Lees wat elk onderdeel doet en hoe je je voorbereidt.

Dementieonderzoek is zelden één test. Het is meestal een combinatie van gesprekken, informatie van naasten, beoordeling van dagelijks functioneren, lichamelijk onderzoek, geheugentesten en soms aanvullend onderzoek zoals bloedonderzoek, neuropsychologisch onderzoek of een hersenscan. Het doel is niet alleen vaststellen of iemand dementie heeft, maar ook begrijpen welke klachten er zijn, hoe ernstig ze zijn, welke oorzaken mogelijk zijn en welke vervolgstappen passen.
Thuisarts beschrijft dat onderzoek bij de huisarts meestal bestaat uit gesprekken, lichamelijk onderzoek, een apart gesprek met een naaste en een geheugentest. Als na huisartsbeoordeling niet duidelijk is of iemand dementie heeft, kan verwijzing naar het ziekenhuis volgen. Alzheimer Nederland noemt bij diagnose onder meer neuropsychologisch onderzoek, MRI-, CT- of PET-scan en soms ander aanvullend onderzoek. Richtlijnendatabase beschrijft diagnostiek als gericht op het syndroomstadium, zoals MCI of dementie, en op de veroorzakende hersenafwijkingen, bijvoorbeeld neurodegeneratief of vasculair.
Dit artikel legt uit welke onderdelen je kunt tegenkomen. Lees ook wat doet een geheugenkliniek?, geheugenonderzoek: huisarts, geriater of geheugenpoli?, verwijzing naar geheugenkliniek: hoe werkt het? en geheugenkliniek vergoeding en eigen risico.
Bekijk ook Autorijden en geheugenproblemen: vragen voor arts om dit onderwerp in context te plaatsen.
Waarom Is Dementieonderzoek Meer Dan Een Geheugentest?
Een geheugentest kan aanwijzingen geven, maar geen volledig beeld. Iemand kan gespannen zijn, slecht geslapen hebben, minder goed horen of de taal van de test minder goed beheersen. Andersom kan iemand een korte test redelijk maken, terwijl complexe dagelijkse taken toch duidelijk moeilijker worden. Daarom combineren artsen en andere professionals meerdere informatiebronnen.
Dementieonderzoek kijkt vaak naar:
- geheugen;
- aandacht en concentratie;
- taal;
- plannen en organiseren;
- oriëntatie;
- gedrag en stemming;
- dagelijkse zelfstandigheid;
- lichamelijke gezondheid;
- medicatie;
- informatie van naasten.
Het geheel is belangrijker dan één losse score. Vraag daarom altijd wat een testuitslag betekent in combinatie met het verhaal en functioneren.
Het Gesprek Met De Patiënt
Het gesprek met de persoon met klachten is de basis. De arts of onderzoeker vraagt wat iemand zelf merkt, wanneer het begon, wat veranderd is en welke zorgen er zijn. Ook stemming, slaap, medicatie, alcohol, werk, sociale situatie en lichamelijke klachten kunnen besproken worden.
Vragen kunnen zijn:
- wat vergeet u;
- sinds wanneer;
- wordt het erger;
- verdwaalt u;
- lukt administratie nog;
- gaat koken of medicatie goed;
- verandert gedrag of stemming;
- hoe slaapt u;
- gebruikt u alcohol of nieuwe medicijnen;
- wat wilt u zelf weten?
Het gesprek kan spannend zijn. Het is geen examen. Het doel is begrijpen wat er speelt.
Het Gesprek Met Een Naaste
Een apart gesprek met partner, kind, vriend of mantelzorger kan veel toevoegen. Thuisarts noemt dat de huisarts vaak apart met een naaste praat. Dat is niet bedoeld om iemand buiten te sluiten, maar om een completer beeld te krijgen. Geheugenklachten kunnen het eigen inzicht beïnvloeden, terwijl naasten veranderingen in dagelijks leven zien.
Een naaste kan vertellen:
- welke veranderingen opvallen;
- hoe lang het speelt;
- of iemand taken vermijdt;
- of er gevaarlijke situaties zijn;
- of gedrag of stemming verandert;
- of administratie of medicatie misgaat;
- hoe zwaar mantelzorg is;
- of autorijden zorgen geeft.
Bespreek vooraf wat de naaste mag delen. Openheid helpt, maar respect voor de patiënt blijft belangrijk.
Lichamelijk Onderzoek En Medicatie
Niet alle vergeetachtigheid komt door dementie. Lichamelijke oorzaken, medicatie, slecht horen of zien, slaap, depressie, alcohol of infecties kunnen meespelen. Daarom kan lichamelijk onderzoek of medicatiebeoordeling onderdeel zijn van het traject. Thuisarts noemt lichamelijk onderzoek om te weten hoe iemand beweegt en of gehoor en zicht goed zijn.
Er kan aandacht zijn voor:
- bloeddruk;
- bewegen en lopen;
- neurologische signalen;
- gehoor en zicht;
- medicatielijst;
- alcoholgebruik;
- voeding;
- slaap;
- stemming;
- andere ziekten.
Neem een actuele medicatielijst mee, inclusief zelfzorgmiddelen en supplementen. Sommige middelen kunnen sufheid, verwardheid of geheugenklachten versterken.
Korte Geheugentesten
Korte cognitieve testen bestaan uit vragen en opdrachten. Denk aan oriëntatie, woorden onthouden, aandacht, rekenen, taal, tekenen of klok tekenen. Alzheimer Nederland beschrijft de MMSE als een vragenlijst die kan worden gebruikt bij vermoeden van geheugenproblemen of dementie. NHG bespreekt ook MMSE, kloktekentest en MoCA in de context van de eerste lijn.
Belangrijk:
- een testscore is geen diagnose op zichzelf;
- opleiding, taal en gehoor kunnen invloed hebben;
- spanning kan meespelen;
- herhaling later kan nodig zijn;
- verschillende testen meten andere dingen;
- speciale testen kunnen nodig zijn bij taalbarrière.
Vraag wat de test meet en hoe de uitslag wordt gewogen. Laat je niet reduceren tot een getal.
Neuropsychologisch Onderzoek
Neuropsychologisch onderzoek is uitgebreider dan een korte geheugentest. Het wordt vaak gedaan door een psycholoog of neuropsycholoog en kijkt naar verschillende cognitieve functies: geheugen, aandacht, taal, tempo, planning, visueel-ruimtelijke functies en soms stemming of gedrag. Het kan helpen wanneer de diagnose onduidelijk is, bij jonge mensen, bij complexe klachten of wanneer een sterkte-zwakteprofiel nodig is.
Het onderzoek kan lang duren en vermoeiend zijn. Dat betekent niet dat je "moet slagen". Het doel is patronen zien.
Vraag:
- hoe lang duurt het onderzoek;
- mag iemand mee;
- welke functies worden getest;
- hoe wordt vermoeidheid meegenomen;
- wanneer komt de uitslag;
- wat betekent de uitslag voor dagelijks leven?
Neem bril en gehoorapparaat mee als je die gebruikt. Zorg dat je uitgerust komt waar mogelijk.
Bloedonderzoek
Thuisarts zegt dat bloedonderzoek meestal niet nodig is, behalve wanneer de huisarts denkt dat er ook iets anders kan zijn, zoals ontsteking of schildklierziekte. In de praktijk kan bloedonderzoek bij geheugenklachten worden ingezet om behandelbare of beïnvloedbare factoren te bekijken. Welke bepalingen nodig zijn, beslist de arts.
Bloedonderzoek kan gaan over:
- ontsteking;
- schildklier;
- vitamines;
- nier- of leverfunctie;
- suiker;
- bloedarmoede;
- medicatie-effecten;
- andere lichamelijke oorzaken.
Bloedonderzoek kan dementie niet simpelweg aantonen of uitsluiten. Het helpt vooral andere factoren opsporen of medische context begrijpen.
Hersenscan: MRI, CT Of PET
Een hersenscan wordt niet altijd gedaan. Thuisarts beschrijft dat een scan van de hersenen meestal niet nodig is bij huisartsdiagnostiek. Bij specialistische diagnostiek kan beeldvorming wel belangrijk zijn. Alzheimer Nederland noemt MRI-, CT- of PET-scan als mogelijke onderzoeken. Richtlijnendatabase bespreekt beeldvorming en biomarkers afhankelijk van diagnostische vraag.
Een scan kan helpen om:
- andere oorzaken uit te sluiten;
- vasculaire schade te beoordelen;
- hersenatrofiepatronen te bekijken;
- tumor, bloeding of andere afwijking te beoordelen;
- specialistische diagnose te ondersteunen;
- onzekerheid te verminderen of juist verder onderzoek te plannen.
Een normale scan sluit dementie niet altijd uit. Een afwijkende scan betekent niet automatisch één specifieke diagnose. De scan wordt samen met gesprek, tests en beloop beoordeeld.
Ruggenprik, Liquor En Biomarkers
Soms wordt hersenvocht onderzocht via een ruggenprik, of worden biomarkers gebruikt. Richtlijnendatabase bespreekt aanvullend onderzoek bij MCI en dementie, waaronder biomarkers. Dit is specialistisch onderzoek en niet voor iedereen nodig. Het kan belastend zijn of niet altijd meer zekerheid geven, afhankelijk van de vraag.
Vraag bij biomarkeronderzoek:
- waarom is dit nodig;
- welke vraag beantwoordt het;
- wat zijn voordelen en nadelen;
- wat betekent een afwijkende uitslag;
- wat als de uitslag onzeker is;
- wordt het vergoed;
- zijn er risico's of bijwerkingen?
Bij specialistische diagnostiek is gezamenlijke besluitvorming belangrijk. Je mag vragen waarom een onderzoek wel of niet wordt gedaan.
Online Geheugentesten
Online geheugentesten kunnen inzicht of aanleiding geven om hulp te zoeken, maar ze vervangen geen diagnose. Thuisarts vermeldt bij de keuzehulp expliciet dat deze niet bedoeld is om erachter te komen of iemand dementie heeft. Alzheimer Nederland biedt een online geheugentest voor persoonlijk inzicht en advies bij vergeetachtigheid. Gebruik zulke tests dus als startpunt voor gesprek, niet als bewijs.
Wees voorzichtig wanneer:
- een online test een diagnose suggereert;
- commerciële partijen behandeling verkopen;
- je elke week opnieuw test;
- de uitslag veel angst geeft;
- je daardoor huisartsbezoek uitstelt.
Bij zorgen: bespreek het met de huisarts.
Het Uitslaggesprek
Na alle onderdelen volgt een gesprek over de uitslag. Dat kan gaan over geen dementie, milde cognitieve stoornis, waarschijnlijk dementie, een specifieke vorm van dementie, een andere oorzaak of behoefte aan vervolgonderzoek. Neem iemand mee en schrijf vragen op.
Vraag:
- wat is de conclusie;
- hoe zeker is die;
- welke onderzoeken ondersteunen dit;
- wat is nog onzeker;
- is vervolgonderzoek nodig;
- wie is aanspreekpunt;
- krijgt de huisarts bericht;
- welke ondersteuning is nodig;
- wat betekent dit voor autorijden, werk of thuis?
Vraag om uitleg in gewone taal. Bij geheugenonderzoek is herhaling geen luxe maar noodzaak.
Wat Als Onderzoeken Elkaar Tegenspreken?
Soms is het beeld niet eenduidig. Een test kan afwijkend zijn, terwijl de scan weinig laat zien. Of de scan toont veranderingen die niet precies passen bij de klachten. Dat betekent niet dat iemand zich aanstelt en ook niet dat de diagnose vaststaat. Cognitieve diagnostiek is soms complex.
Vraag dan:
- wat spreekt elkaar tegen;
- welke verklaring is het meest waarschijnlijk;
- is follow-up nodig;
- wanneer herhalen we testen;
- is second opinion zinvol;
- wat doen we ondertussen praktisch?
Onzekerheid is lastig, maar kan een eerlijke uitkomst zijn. Een zorgvuldige arts benoemt dat.
Hoe Bereid Je Je Voor Op Testen?
Je hoeft niet te oefenen voor een geheugentest. Het is geen schooltoets en trainen op voorbeeldvragen kan het beeld vertroebelen. Wel kun je praktisch voorbereiden. Zorg dat je uitgerust komt waar mogelijk, neem bril en gehoorapparaat mee en vraag of je medicijnen normaal moet innemen.
Bereid voor:
- medicatielijst;
- bril en gehoorapparaat;
- voorbeelden van klachten;
- vragenlijst;
- iemand die meeluistert;
- eerdere uitslagen;
- agenda en afsprakenoverzicht;
- informatie over werk of autorijden;
- slaap- en stemmingsinformatie.
Als je Nederlands niet goed spreekt of laaggeletterd bent, meld dat vooraf. Taal en opleiding kunnen invloed hebben op testuitslagen. De kliniek kan dan beter passende ondersteuning organiseren.
Wat Als Iemand Angstig Is Voor Het Onderzoek?
Dementieonderzoek kan veel spanning geven. Mensen zijn bang voor een diagnose, verlies van rijbewijs, afhankelijkheid of oordeel van familie. Angst kan ook prestaties beïnvloeden. Zeg het daarom als je gespannen bent. De onderzoeker kan tempo, uitleg en pauzes aanpassen waar mogelijk.
Helpende afspraken:
- vraag vooraf hoe lang het duurt;
- neem iemand mee;
- plan geen drukke dag erna;
- vraag om pauze bij vermoeidheid;
- zeg wanneer je iets niet verstaat;
- vraag of uitleg herhaald mag worden;
- schrijf vragen op.
Spanning betekent niet dat het onderzoek niet kan doorgaan. Het betekent wel dat de context bij interpretatie hoort.
Wat Betekent MCI?
Bij dementieonderzoek kan de term MCI vallen: mild cognitive impairment, in het Nederlands vaak milde cognitieve stoornis genoemd. Dit betekent dat er meetbare cognitieve veranderingen zijn, maar dat iemand nog niet voldoet aan criteria voor dementie. MCI kan stabiel blijven, verbeteren of overgaan in dementie, afhankelijk van oorzaak en persoon. Het is dus geen automatische dementiediagnose.
Vraag bij MCI:
- wat is er precies afwijkend;
- welke functies zijn nog sterk;
- wat betekent dit voor dagelijks leven;
- is vervolgcontrole nodig;
- welke oorzaken zijn mogelijk;
- zijn leefstijl of medische factoren relevant;
- wanneer moet ik opnieuw contact opnemen?
MCI vraagt vaak om duidelijke follow-up. Laat het niet hangen als vage tussenuitkomst.
Testen Bij Gehoor, Zicht Of Taalproblemen
Geheugentesten zijn kwetsbaar voor praktische drempels. Slecht gehoor kan lijken op aandacht- of geheugenproblemen. Slecht zicht kan teken- of leestaken beïnvloeden. Taalproblemen, laaggeletterdheid of een andere moedertaal kunnen uitslagen vertekenen. Daarom is het belangrijk om dit vooraf te melden.
Meld:
- gehoorverlies;
- gebruik van gehoorapparaat;
- slecht zicht;
- bril vergeten;
- dyslexie of laaggeletterdheid;
- andere moedertaal;
- moeite met testtaal;
- eerdere hersenschade of ontwikkelingsproblemen.
Een goede beoordeling houdt rekening met zulke factoren. Dat maakt de uitslag eerlijker.
Wat Kan Een Scan Niet?
Scans klinken vaak als de ultieme duidelijkheid. Toch kan een scan niet alles beantwoorden. Een MRI of CT kan bepaalde afwijkingen laten zien, maar geeft niet altijd een sluitende diagnose. Sommige vormen van dementie zijn in een vroege fase subtiel. Sommige afwijkingen passen bij leeftijd of vaatproblemen en moeten worden geïnterpreteerd in context.
Vraag bij een scan:
- waarom wordt deze scan gemaakt;
- welke vraag moet hij beantwoorden;
- wat kan de scan niet laten zien;
- zijn er risico's of voorbereiding;
- wanneer komt de uitslag;
- wie legt de beelden uit;
- wat betekent een normale scan?
Gebruik scans als onderdeel van het geheel, niet als enige waarheid.
Wat Na Een Diagnose?
Als dementie wordt vastgesteld, begint een nieuwe fase. De vraag verschuift van "wat is er aan de hand?" naar "hoe gaan we hiermee om?" Dat kan gaan over medicatie, begeleiding, casemanagement, autorijden, werk, financiële zaken, mantelzorg, dagstructuur en veiligheid. Vraag in het uitslaggesprek altijd wie vervolgzorg regelt.
Vervolgvragen:
- wie is aanspreekpunt;
- krijgt de huisarts een brief;
- is casemanagement nodig;
- zijn medicijnen zinvol;
- wat betekent dit voor autorijden;
- welke ondersteuning is er voor naasten;
- wanneer is controle;
- wat doen we bij achteruitgang?
Een diagnose zonder vervolgplan laat mensen vaak verloren achter. Vraag daarom expliciet naar de volgende stap.
Wat Als Er Geen Dementie Wordt Gevonden?
Ook een geruststellende uitslag vraagt uitleg. Geen dementie betekent niet altijd dat klachten verzonnen zijn. Er kunnen andere oorzaken zijn, zoals slaap, stemming, stress, medicatie, lichamelijke aandoening of normale veroudering. Soms wordt afgesproken om later opnieuw te testen.
Vraag:
- welke verklaring is het meest waarschijnlijk;
- wat kan ik zelf doen;
- moet medicatie worden aangepast;
- is behandeling van slaap of stemming nodig;
- wanneer opnieuw contact;
- welke signalen zijn reden voor herbeoordeling;
- krijgt de huisarts advies?
Neem klachten serieus, ook als dementie niet wordt vastgesteld.
Hoe Praat Je Over Uitslagen Met Familie?
Na het uitslaggesprek moet informatie vaak gedeeld worden met familie of mantelzorgers. Spreek af wat gedeeld mag worden en wie erbij betrokken wordt. Sommige mensen willen alles meteen vertellen, anderen hebben tijd nodig. Respecteer dat waar mogelijk, maar verlies veiligheid en ondersteuning niet uit het oog.
Praktisch:
- vraag om schriftelijke samenvatting;
- plan familiegesprek op rustig moment;
- deel niet meer dan nodig;
- bespreek wie helpt met afspraken;
- maak één contactpersoon;
- noteer vragen voor huisarts of casemanager.
Bij een ingrijpende diagnose is één gesprek zelden genoeg. Herhaling is normaal.
Medicatiecheck En Herhaalonderzoek
Een medicatiecheck kan onderdeel zijn van dementieonderzoek, vooral bij ouderen of mensen die meerdere middelen gebruiken. Sommige medicijnen kunnen sufheid, duizeligheid, verwardheid of concentratieproblemen geven. Stop nooit zelf met medicatie, maar vraag of huisarts, apotheker of specialist wil meekijken.
Soms wordt onderzoek later herhaald. Dat kan gebeuren wanneer klachten mild zijn, uitslagen niet duidelijk zijn of het beloop belangrijk is. Herhaalonderzoek is geen uitstel zonder reden; het kan juist helpen zien of klachten stabiel blijven of toenemen.
Vraag:
- moet medicatie worden beoordeeld;
- wanneer herhalen we testen;
- welke verandering moeten we melden;
- wie volgt het beloop;
- wat doen we tot de volgende controle?
Bronnen Voor Review
Dit artikel gebruikt Thuisarts, Alzheimer Nederland, NHG, Richtlijnendatabase, Zorg voor Beter en Patiëntenfederatie. Voor publicatie moet review controleren dat uitleg over testen, scans, biomarkers, online tests, diagnose en verwijzing actueel en voorzichtig is.
Bronnen:
- Thuisarts bang voor dementie: https://www.thuisarts.nl/snel-dingen-vergeten/ik-ben-bang-dat-ik-dementie-krijg
- Thuisarts doorgestuurd naar ziekenhuis: https://www.thuisarts.nl/snel-dingen-vergeten/ik-vergeet-snel-dingen-en-ben-doorgestuurd-naar-ziekenhuis
- Alzheimer Nederland diagnose dementie: https://www.alzheimer-nederland.nl/dementie/diagnose
- Alzheimer Nederland geheugenpoli: https://www.alzheimer-nederland.nl/dementie/diagnose/geheugenpoli
- Alzheimer Nederland MMSE-test: https://www.alzheimer-nederland.nl/dementie/diagnose/mmse-test
- NHG-Standaard Dementie: https://richtlijnen.nhg.org/standaarden/dementie
- Richtlijnendatabase diagnostiek cognitieve stoornissen en dementie: https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/dementie_en_lichte_cognitieve_stoornissen_mild_cognitive_impairment_mci/diagnostiek_cognitieve_stoornissen_en_dementie.html
- Richtlijnendatabase biomarkers bij MCI: https://richtlijnendatabase.nl/richtlijn/dementie_en_lichte_cognitieve_stoornissen_mild_cognitive_impairment_mci/diagnostiek_cognitieve_stoornissen_en_dementie/aanvullend_onderzoek_bij_mci_en_dementie/biomarkers_bij_mci.html
- Zorg voor Beter diagnose dementie: https://www.zorgvoorbeter.nl/thema-s/dementie/diagnose
- Patiëntenfederatie 3 goede vragen: https://www.patientenfederatie.nl/campagnes/3-goede-vragen
Samenvatting
Dementieonderzoek bestaat meestal uit meer dan één test. Gesprekken, informatie van naasten, lichamelijke beoordeling, korte geheugentesten, neuropsychologisch onderzoek, bloedonderzoek en soms scans of biomarkers worden gecombineerd om een zo zorgvuldig mogelijk beeld te krijgen.
Vraag bij elk onderdeel wat het onderzoekt, wat de beperkingen zijn en wat de uitslag betekent voor dagelijks leven. Een testscore of scan is zelden het hele verhaal. Goede diagnostiek kijkt naar persoon, klachten, functioneren, naasten en vervolgstappen.



